Het minipaard zoals wij dat over de hele wereld kennen vindt zijn oorsprong in kruisingen van diverse rassen. Hierbij speelt de Shetland Pony een zeer grote rol. Daarnaast zijn er invloeden te vinden van de Welsh Pony, Arabier, Appaloosa en Hackney. Bekend zijn ook de Argentijns gefokte Falabella-paardjes , maar ook hun oorsprong ligt hoogstwaarschijnlijk in het jarenlang selecteren en kruisen van voorgenoemde rassen.
In Nederland werd in 1993 het NMPRS (Nederlands Minipaarden Registratie Stamboek) opgericht.
Het fokdoel van het NMPRS is om in Europees verband dmv diverse kruisingen te komen tot een ware miniatuur van een edel warmbloedpaard, bij voorkeur met arabische uitstraling.
Stokmaat of schofthoogte
Met stokmaat of schofthoogte bedoelen we de hoogte van een paard.
Waar meten we wanneer we hoogte van een paard bepalen?
Binnen het NMPRS mag de stokmaat niet hoger zijn als 1.06 meter.
Paardjes onder de 86 centimer vallen in de 'minimaat'.
Paardjes vanaf 86 cm tot 1.06m behoren tot de 'kleine maat'.
Beide maten worden weer onderverdeeld in "basis type" en "luxe type".
Hoewel het doel uiteindelijk een zo klein mogelijk paardje is, blijft een korrekt exterieur (bouw van het paardje) veel belangrijker als de maat. Te snel klein willen fokken kan problemen geven zoals gebitsfouten (over- en onderbeet), dwerggroei, ontwikkelingsstoornissen in het beenwerk.
Mede daarom blijven wij ook de "grotere minipaardjes" uit de kleine maat hard nodig hebben in de fokkerij.
Kleuren
Door het gebruik van de diverse rassen binnen de minipaardenfokkerij is er een bont palet aan kleuren aanwezig. Alle kleuren zijn toegestaan en uw eigen smaak zal hier vaak de doorslag geven welk paardje wat dit betreft het best bij u past.
Enkele voorbeelden van kleuren zijn:
Zwart, Vos (roodbruin), Bruin (lijf bruin met zwarte manen & staart), Schimmel (donkergrijs tot wit), Palomino (goudkleurig met lichte manen & staart), silver dapple, valk, bont, en appaloosa.
Gaat uw voorkeur uit naar een bijzondere, populaire of weinig voorkomende kleur, dan zult u misschien wat langer moeten zoeken en niet zelden wat dieper in de buidel moeten tasten.
Hengst, merrie of ruin?
Ook dit is weer afhankelijk van uw eigen voorkeur. Alles heeft zijn voor- en nadelen, en het is niet mogelijk te zeggen wat de beste keus is.
Een hengst heeft vaak wat extra uitstraling, met een merrie kunt u als zij voldoet aan de raskenmerken en gezondheidseisen op den duur een veulentje fokken.
Wel is het houden van een hengst voor beginnende eigenaren in de meeste gevallen af te raden. Hoe klein dan ook, een volwassen hengst met "de lente in de kop" kan onder invloed van zijn hormonen behoorlijk wat mans worden, en u zelfs in niet ongevaarlijke posities plaatsen. Dit is echter per hengst verschillend en niet vooraf te voorspellen. Kiest u voor de aanschaf van een hengstveulentje, dan kunt u er wel langzaam 'ingroeien' en als u bereid bent de komende jaren veel te leren over paardengedrag kan ook een hengst een prima kameraadje worden waar u mee kunt lezen en schrijven. Met een hengst heeft u ook altijd nog de mogelijkheid deze te laten castreren. Ruintjes zijn over het algemeen het meest gelijkmatig qua temperament omdat zij niet worden gehinderd door hormonale schommelingen. Zeker voor kinderen zijn zij doorgaans erg geschikt om mee om te gaan.
Het voordeel van merries en ruinen is dat u deze zonder problemen het gehele jaar bij elkaar kunt laten lopen. Er zijn voldoende voorbeelden van gevallen waarin ook twee hengsten of een ruin en een hengst twee maatjes door dik en dun kunnen worden die altijd bij elkaar kunnen staan, maar wanneer er ook merries in de buurt zijn kan er toch een strijd ontstaan waar u niet op zit te wachten.
Dit soort dingen zijn belangrijk om te overwegen, aangezien het absoluut de voorkeur geniet om minimaal twee minipaardjes samen te houden. Een paard is een kudde- en dus een sociaal dier wat zich vele malen prettiger zal voelen in het gezelschap van een soortgenoot.
Uiteraard is het ook heel goed mogelijk om een minipaardje als gezelschap voor uw grote rijpaard aan te schaffen!
Hun verschillende grootte is voor de dieren zelf geen enkel probleem, zij zien elkaar gewoon als soortgenoot.
Eventueel kunt u ook een geitje als gezelschap voor uw paardje houden, deze dieren hechten zich ook vaak aan elkaar. Kippen of ganzen kunnen vaak prima bij uw paardjes gehouden worden, maar zijn niet voldoende om in de sociale behoeftes van uw dier te voorzien.
Wat kunt u zoal doen met uw minipaard?
Keuring
U kunt met uw hengst of merrie deelnemen aan keuringen van het stamboek. Hier wordt hij of zij beoordeeld op het exterieur en de beweging. Wilt u uw mini zo voordelig mogelijk voor de dag laten komen dan vereist dit zeker enige voorbereiding en training. Leer hem rustig stilstaan met het gewicht netjes verdeeld over alle 4 de benen. Zorg ervoor dat hij dit ook kan met veel afleiding om hem heen en op vreemd terrein. Probeer hem zo attent te krijgen dat hij hierbij een vlotte en fiere indruk maakt zonder meteen weer alle kanten op te springen. Dit klinkt misschien simpel maar valt nog niet mee!
Zorg ervoor dat hij keurig met u meeloopt in stap en draf.
Op de keuring voor de hengsten bij het NMPRS zal uw hengst worden voorgebracht door een zgn. 'monsterknecht'. We mogen er vanuit gaan dat deze zeer bedreven zijn in het voorbrengen van paardjes voor een jury, maar zij kunnen geen wonderen verrichten met ongetrainde dieren! Ook in de dagelijkse omgang zult u veel profijt hebben van deze training.
Voorbeeld van de appaloosakleur vos-panterbont
Bruin appaloosa blanket merrie met koffievos-bont veulen
Onder het zadel
Als rijdier zijn de mini's alleen geschikt voor kleine kinderen, u kunt hiermee beginnen als het paardje minimaal 3 jaar oud is. Tot welke leeftijd kinderen op het paardje kunnen rijden hangt af van de grootte van paardje en kind.
Aangespannen
Een minipaard kan met gemak een licht wagentje met een volwassene trekken. Een 'groter' minipaard zelfs nog wel meer gewicht. Ook twee- of meer-spannen zijn uiteraard mogelijk waarbij het te trekken gewicht weer groter kan zijn. Een prachtige hobby die veel plezier kan geven. Met de voorbereidingen hiervoor kunt u rustig aan beginnen als het paardje ruim 2 jaar oud is
Dressuur aan de lange teugel
Ook zonder dat u er op zit kunt u met enige kennis van het dressuurrijden uw mini allerlei oefeningen laten doen uit de dressuur door naast/achter het paardje te lopen wat u heeft uitgerust met een hoodstel en een paar extra lange teugels. De mogelijkheden zijn in principe onbegrensd, alles wat een paard onder het zadel kan leren, kan hij ook aan de lange teugel leren, tot en met piaffe aan toe! Het grote voordeel is uiteraard dat u niet zo hard hoeft te lopen als bij een groot paard!
(foto volgt)
Springen
Er worden ook springwedstrijden georganiseerd (vaak op een keuring) waarbij het minipaard aan een lange lijn hindernissen springt, de baas springt dan ook vaak mee over de hindernis! Goed voor beider conditie en leuk om te doen en te zien.
Vrijheidsdressuur
Stel u eens voor dat u vrienden en familie kunt trakteren op een klein showtje circuskunsten van uw minipaardje! Met veel liefde, worteltjes en geduld kunt u uw paardje enorm veel leren. Denk daarbij bijvoorbeeld aan simpele dingen als los volgen, kusjes geven, handje geven, paar pasjes achteruit op commando... maar ook aan meer spectaculaire kunsten zoals een buiging maken naar het publiek, liggen, zitten, spaanse pas, zelfs apporteren! Alles is mogelijk!
Meer weten?
Het voert te ver om alles wat er te weten is over minipaarden op deze site te plaatsen.
Bezoek eens een verenigingsactiviteit (info op de site van het NMPRS: www.minipaarden.nl), stel uw vragen aan houders en fokkers van het minipaard.
Een leuke tip is het boekje "Het Minipaard", geschreven door Tineke Varkevisser, mede-oprichtster en secretaris van het Nederlands Minipaarden Registratie Stamboek, voor uitgebreidere informatie over herkennen, aanschaffen, verzorgen en fokken. (ISBN 90-5898-020-0).